Villa Vlietweg, Leiden

Op een driehoekige kavel, waar de historische Vlietweg wijkt van de Vliet, is een compacte woning gerealiseerd. De woning is vooral ontworpen vanuit de beleving van de Vliet. Het basisplan van de woning bestaat uit ruw gemetselde wanden die in en om elkaar grijpen. De grenzen tussen binnen en buiten zijn vervaagd, het water en het landschap zijn een onderdeel van de woning geworden. Je wordt ontvangen in een klein buitenhof met monumentale bomen. Het venster in de tuinmuur geeft een eerste glimp op het water. De tuinmuur volgend, betreed je de hoge entreehal van de woning. Drie treden geven toegang tot de hoger gelegen woonkamer. De woonkamer heeft een panoramisch uitzicht over het water en ligt beschut naar de weg. In de volledig geopende stand van de vouwpui loopt de vloer van de woonkamer door naar buiten en wordt deze verlengd tot aan de Vliet. Tussen de woonkamer en keuken bevindt zich de trap naar de verdieping. Deze heeft uitkragende treden en een glazen balustrade. Eenmaal boven is er in drie richtingen uitzicht over het water en de met mos-sedum begroeide platte daken.

Dit project is genomineerd voor de Leidse architectuurprijs en de Reynaers projectprijs.

Status gerealiseerd 2012
Architecten Gerrit-Jan van Rijswijk
Medewerkers Tijmen Versluis, Thomas Gillet
Opdrachtgever(s) particulier
Gerelateerd

In nauwe samenwerking met de gemeente Leiden heeft VVKH een plan opgesteld voor de transformatie van een voormalige kantoorlocatie aan de Verbeekstraat. Een plek die lange tijd werd gedomineerd door asfalt, parkeerplaatsen en autoverkeer, krijgt een nieuwe toekomst als groen en mensgericht woongebied.

Het plan gaat uit van hergebruik en verdichting van de bestaande kantoorgebouwen. Door voort te bouwen op wat er al is, ontstaat ruimte voor nieuwe woningen én voor een landschappelijke herinrichting van de omgeving. De huidige versteende buitenruimte wordt omgevormd tot een groen verblijfsgebied dat fungeert als overgang en buffer naar de omliggende woonwijken.

Langs de Plesmanlaan sluit het ontwerp aan op de hoogbouwvisie van de gemeente Leiden. Hier vormen nieuwe volumes een stedelijk front aan een belangrijke toegangsroute van de stad. Deze stedelijke schaal contrasteert bewust met het groene en rustige binnengebied, waar de mens centraal staat.

Samen met de ontwikkelingen op de Bio Science Campus aan de overzijde van de Plesmanlaan ontstaat een samenhangend stedelijk ensemble. Het plan draagt bij aan de ontwikkeling van een nieuw stadsdeel waarin wonen, werken en landschap elkaar versterken.

De herontwikkeling van de Verbeekstraat laat zien hoe bestaande kantoorlocaties op een duurzame en realistische manier kunnen worden getransformeerd tot toekomstbestendige woongebieden, met aandacht voor context, leefkwaliteit en langdurig gebruik.

 

thema Complexiteit & Organisatie

Het plan “de Biezenhof” maakt deel uit van het woongebied Waterrijk Woerden en is gelegen in een van nature waterrijke streek. Het stedenbouwkundige plan van West 8 refereert naar de oud Hollandse watersteden zoals Delft en Leiden. De woningen zijn allemaal verschillend en hebben een specifieke relatie met het water. 

De woningen van de Biezenhof zijn in twee delen opgesplitst: een deel met eengezinswoningen rond een binnenplaats, en een rij waterwoningen met appartementen. De kopers van de woningen konden kiezen tussen diverse woningtypes van 4 verschillende architecten. Geen woning is gelijk; veel woningen hebben een prachtig uitzicht op het water. De eengezinswoningen hebben een tuin en de kadewoningen zijn uitgerust met grote terrassen. Parkeren vindt beperkt plaats in de openbare ruimte, het merendeel van de parkeerplaatsen is ondergebracht in parkeergarages.

Een deel van de kadewoningen refereert met hun karakteristieke uitstekende daken aan de traditionele houten boothuizen in Nederland. Dit versterkt het wonen aan het water gevoel. De gevels aan de straatzijde zijn gemetseld en hebben, afhankelijk van de keuze van de bewoner, een meer open dan wel een meer gesloten karakter.

Het plezier van wonen: ‘MIJN STEK’ in Haarlem

De Amsterdamse buurt is van oorsprong een arbeidersbuurt, met lage bebouwing en een hoge woningdichtheid, gebouwd rond 1900. De mensen die hier wonen voelen zich verbonden met de omgeving. De woningen zijn destijds ontworpen in een eenvoudige, maar verzorgde rode baksteenarchitectuur in een herkenbare stijl. De wijk is door de jaren heen echter ingrijpend veranderd. De karakteristieke kleine woningen ondergingen een vernieuwingsslag; veel woningen werden daarbij uitgerust met (te) grote dakkapellen. Ook werd her en der vervangende nieuwbouw gerealiseerd, die veelal detoneert. De kenmerkende karakteristieken van de Amsterdamse buurt werden bij elke ingreep minder zichtbaar.

De nieuwbouw van ‘MIJN STEK’ vormt een ensemble met de oorspronkelijke bebouwing. Het project staat in de traditie van het werk van de Haarlemse architect van Loghem, met zijn ritmiek, gebruik van baksteen en detaillering. Met dit plan heeft de wijk een hart gekregen, dat vernieuwend en tegelijkertijd vertrouwd aanvoelt.

Na sloop van 29 eengezinswoningen zijn aan het Drilsmaplein en de Dr. Schaepmanstraat 40 nieuwe huurwoningen (‘MIJN STEK’)  teruggekomen;  2 kleinschalige appartementengebouwen met 30 appartementen (zowel vrije sector als sociale huur) en 10 eengezinswoningen (vrije sector). De nieuwbouwplannen zijn in opdracht van woningcorporatie Elan Wonen gerealiseerd. De woningen zijn zorgvuldig ingepast in het bestaande stedelijk weefsel. De grootste ingreep waren de relatief omvangrijke appartementengebouwen, die dankzij een setback op de 2e verdieping goed aansluiten op de bestaande bebouwing. Er is veel aandacht besteed aan het open en levendig maken van de begane grond verdieping. Men woont aan de straat. Met omvangrijke balkons en ramen die als grote ogen op het Drilsmaplein kijken en de verzorgde baksteenarchitectuur wordt de centrale functie van het plein versterkt. De appartementen zijn levensloopbestendig ontworpen.

De eengezinswoningen zijn volgens de ‘spaarhuis’ methode van Slokker Innovate gebouwd.  

MIJN STEK was 1 van de 10 genomineerde projecten voor de Lieven de Keypenning 2017. 

 

Voor het woonhuis Rapenburg 49 in Leiden, een Rijksmonument, hebben wij een ontwerp gemaakt voor het verduurzamen en tevens versterken van de historische en ruimtelijke kwaliteiten van het pand. Het woonhuis bestaat uit een voor- en achterhuis. De stijlkamers in het voorhuis zijn in oude luister hersteld. Oorspronkelijke details en kleuren zijn teruggebracht en er is een nieuwe wandbespanning aangebracht. De familie woont zelf met twee kinderen in het achterhuis. Wens was om het achterhuis zo duurzaam mogelijk te renoveren. Met onder meer het aanbrengen van een dampopen isolatiesysteem, een nieuwe geïsoleerde beganegrondvloer en een luchtwarmtepomp is het gelukt het achterhuis ‘van het gas af’ te halen. Tijdens de renovatie van het achterhuis is de indeling verbeterd en is een dakkapel geplaatst en enkele dakvensters. De verbinding op de begane grond tussen keuken en woon/eetkamer en op de verdieping tussen slaapkamer en bibliotheek is teruggebracht. Bij de ingrepen is steeds gezocht naar een balans tussen moderne techniek en historisch besef.

Het geheel is gerealiseerd in nauwe samenspraak met opdrachtgever, restauratiebedrijf Burgy en Erfgoed Leiden.

 

fotograaf:  Arjen Veldt