Appartementengebouw De Verleyding, Leiden

Tussen de Lucebertstraat en de Toussaintkade is het appartementengebouw de Verleyding verrezen. Het gebouw bestaat uit 112 huurappartementen voor werkende jongeren tussen de 18 en 35 jaar.  De woningen zijn geschikt voor 1- of 2-persoonshuishoudens en hebben een oppervlakte van circa 30 m2 (1-kamerappartement) en 45 m2 (2-kamerappartement).

Het project is ontwikkeld en gebouwd door respectievelijk ten Brinke Vastgoedontwikkeling en ten Brinke Bouw en is na realisatie in eigendom overgegaan naar SHWJ. Het ontwerp van de woningen is geheel afgestemd op de wensen en eisen van SHWJ.  

Het gebouw is 12 verdiepingen hoog en is een herkenningspunt in Leiden. Het terrein wordt begrensd door het spoor, een waterpartij en een klein park. Aan de parkzijde staat het gebouw op poten. Aan de onderdoorgang zijn de hoofdentree en lift gesitueerd. In combinatie met de corridorontsluiting is hierdoor een efficiёnte plattegrond ontstaan, met 10 woningen per laag.  De bovengelegen woningen hebben prachtig uitzicht over de stad. Door de grote raamopeningen kan hier optimaal van worden genoten. Op maaiveld hebben de woningen een eigen tuintje.  Via een brug kunnen de bewoners het water oversteken richting park. Parkeren vindt plaats op eigen terrein. De hoofdmassa is opgetrokken in een ritme van kaders van oranje baksteen. De grote kaders zorgen ervoor dat het gebouw minder massaal oogt en zich goed voegt in de buurt. De dakbeёindiging refereert aan de naastgelegen woningen, deze is afgewerkt met aluminium losagnes.

Status gerealiseerd voorjaar 2018
Architecten Gerrit-Jan van Rijswijk, Thomas Gillet
Opdrachtgever(s) Ten Brinke Vastgoedontwikkeling
Gerelateerd

Het plezier van wonen: ‘MIJN STEK’ in Haarlem

De Amsterdamse buurt is van oorsprong een arbeidersbuurt, met lage bebouwing en een hoge woningdichtheid, gebouwd rond 1900. De mensen die hier wonen voelen zich verbonden met de omgeving. De woningen zijn destijds ontworpen in een eenvoudige, maar verzorgde rode baksteenarchitectuur in een herkenbare stijl. De wijk is door de jaren heen echter ingrijpend veranderd. De karakteristieke kleine woningen ondergingen een vernieuwingsslag; veel woningen werden daarbij uitgerust met (te) grote dakkapellen. Ook werd her en der vervangende nieuwbouw gerealiseerd, die veelal detoneert. De kenmerkende karakteristieken van de Amsterdamse buurt werden bij elke ingreep minder zichtbaar.

De nieuwbouw van ‘MIJN STEK’ vormt een ensemble met de oorspronkelijke bebouwing. Het project staat in de traditie van het werk van de Haarlemse architect van Loghem, met zijn ritmiek, gebruik van baksteen en detaillering. Met dit plan heeft de wijk een hart gekregen, dat vernieuwend en tegelijkertijd vertrouwd aanvoelt.

Na sloop van 29 eengezinswoningen zijn aan het Drilsmaplein en de Dr. Schaepmanstraat 40 nieuwe huurwoningen (‘MIJN STEK’)  teruggekomen;  2 kleinschalige appartementengebouwen met 30 appartementen (zowel vrije sector als sociale huur) en 10 eengezinswoningen (vrije sector). De nieuwbouwplannen zijn in opdracht van woningcorporatie Elan Wonen gerealiseerd. De woningen zijn zorgvuldig ingepast in het bestaande stedelijk weefsel. De grootste ingreep waren de relatief omvangrijke appartementengebouwen, die dankzij een setback op de 2e verdieping goed aansluiten op de bestaande bebouwing. Er is veel aandacht besteed aan het open en levendig maken van de begane grond verdieping. Men woont aan de straat. Met omvangrijke balkons en ramen die als grote ogen op het Drilsmaplein kijken en de verzorgde baksteenarchitectuur wordt de centrale functie van het plein versterkt. De appartementen zijn levensloopbestendig ontworpen.

De eengezinswoningen zijn volgens de ‘spaarhuis’ methode van Slokker Innovate gebouwd.  

MIJN STEK was 1 van de 10 genomineerde projecten voor de Lieven de Keypenning 2017. 

 

Voor het woonhuis Rapenburg 49 in Leiden, een Rijksmonument, hebben wij een ontwerp gemaakt voor het verduurzamen en tevens versterken van de historische en ruimtelijke kwaliteiten van het pand. Het woonhuis bestaat uit een voor- en achterhuis. De stijlkamers in het voorhuis zijn in oude luister hersteld. Oorspronkelijke details en kleuren zijn teruggebracht en er is een nieuwe wandbespanning aangebracht. De familie woont zelf met twee kinderen in het achterhuis. Wens was om het achterhuis zo duurzaam mogelijk te renoveren. Met onder meer het aanbrengen van een dampopen isolatiesysteem, een nieuwe geïsoleerde beganegrondvloer en een luchtwarmtepomp is het gelukt het achterhuis ‘van het gas af’ te halen. Tijdens de renovatie van het achterhuis is de indeling verbeterd en is een dakkapel geplaatst en enkele dakvensters. De verbinding op de begane grond tussen keuken en woon/eetkamer en op de verdieping tussen slaapkamer en bibliotheek is teruggebracht. Bij de ingrepen is steeds gezocht naar een balans tussen moderne techniek en historisch besef.

Het geheel is gerealiseerd in nauwe samenspraak met opdrachtgever, restauratiebedrijf Burgy en Erfgoed Leiden.

 

fotograaf:  Arjen Veldt

De locatie Oeverpolder ligt in het centrale deel van de Hoornespolder, een jaren zestig wederopbouwwijk in Katwijk.
In het ontwerp voor deze nieuwbouwlocatie is gekozen voor een U-vormige hofbebouwing, die qua architectuur en korrelgrootte aansluit op de bestaande bebouwing. De overgang tussen het woongebouw en de openbare ruimte is zorgvuldig vormgegeven. De woningen zijn alzijdig ontworpen, er bevinden zich geen garages, bergingen en blinde gevels aan de openbare ruimte. De bebouwing heeft tegelijkertijd een nieuw en eigen karakter maar voegt zich ook goed in de wijk.

In het appartementengebouw Oeverpolder bevinden zicht 52 sociale huurappartementen van 53-88 m2.
Het in opdracht van Dunavie ontworpen gebouw telt aan de Hoorneslaan vier bouwlagen, de twee andere zijden zijn drie lagen hoog. De woningen worden alle ontsloten via (verbrede) galerijen in het hof, parkeren vindt plaats in het hof en deels op openbaar terrein, op straat. Vanwege de schuine begrenzing van het kavel aan de Hoorneslaan heeft het gebouw hier karakteristieke verspringingen in de gevel gekregen.
De woningen zijn duurzaam en aardgasloos. Op het gezamelijke dak zijn voor de afzonderlijke woningen ieder 6 zonnepanelen geplaatst. Een warmtepomp verwarmt de woningen in de winter en verkoelt deze in de zomer. De omgeving is door de gemeente vergroend. Op het terrein zelf is een wadi voorzien, een aangelegde waterbering die regenwater opvangt.

Tijdens de officiële opening kreeg het appartementengebouw de naam Oeverhof toegewezen.

Het Anatomiegebouw in het Bio Science Park te Leiden was tot begin deze eeuw in gebruik door de Faculteit Geneeskunde van de Universiteit Leiden. Bij de herontwikkeling als Campus Boerhaave blijft het groene en monumentale karakter van het gebied behouden en krijgt het een woonbestemming. In opdracht van de Stichting Boerhaave is het gebouw geschikt gemaakt voor bewoning ten behoeve van internationale promovendi en onderzoekers. Dankzij de hoge ruimtes in het monumentale pand was het mogelijk een insteekverdieping in de wooneenheden te maken en is op deze wijze meer leefruimte gecreëerd. Door het maaiveld rondom te verlagen en van een natuurstenen plint te voorzien is ook in het souterrain een volwaardige woonverdieping gerealiseerd. De 92 wooneenheden variëren in typologie en grootte. Er zijn 1-, 2- en 3-kamer appartementen van 24 - 74 m2 woonoppervlak. Ieder appartement heeft eigen sanitaire voorzieningen en een kitchenette. Verschillende ruimtes in het gebouw zijn voor gemeenschappelijk gebruik, zoals een fietsenstalling, wasruimtes en een ontmoetingsruimte.  

Naast het bestaande gebouw is een nieuwe toren gebouwd (ontwerp Mecanoo architecten) met 74 appartementen. Het gehele complex is september 2015 in gebruik genomen.