Woonzorgcentrum de Tuinen, Bleiswijk

Het oorspronkelijke Bleiswijk kenmerkte zich door lintbebouwing in het rechthoekig verkavelde polderlandschap. Bij de groei in de afgelopen decennia is een gebied met glastuinbouw omsloten geraakt door woonbebouwing. Voor de nieuwe woonwijk “De Tuinen” hebben kassen plaatsgemaakt voor woningen en voorzieningen, zoals dit woonzorgcentrum. Het woonzorgcentrum is gelegen naast een bestaand ontmoetingscentrum voor ouderen en daarmee verbonden door een binnenstraat. Daar bevinden zich een restaurant, winkel, kapper en recreatiezaal. Een parallelstraat geeft toegang tot medische zorg en een apotheek, die ook een eigen buiteningang heeft. Via vides naar een patio op de verdieping valt daglicht naar binnen. Rond het atrium wonen ouderen in twee verdiepingen met zorgappartementen. In een aparte vleugel zijn zorgvilla’s ondergebracht, waarin per villa zes kamers en een huiskamer onderdak bieden aan hen die niet meer zelfstandig kunnen wonen. Materialen zijn zilverkleurig metselwerk, houten gevelinvullingen en veel glas. De opzet is overzichtelijk, de sfeer transparant en helder. Zoals de polder rondom.

 

fotografie: Roos Aldershoff ©

Status gerealiseerd 2009
Architecten Ronald Knappers
Medewerkers Mark Verdoold
Opdrachtgever(s) Woon Compas Rotterdam
Gerelateerd

Midden in het Houtkwartier, een bestaande en geliefde woonwijk aan de noordkant van Leiden en grenzend aan stadspark de Leidse Hout, is onlangs Park Dieperhout gerealiseerd.

Park Dieperhout omvat 48 eengezinswoningen en een kleinschalig appartementengebouw. In het appartementengebouw bevinden zich 12 appartementen verdeeld over vier lagen, een gezondheidscentrum op de onderste 2 lagen en een ondergrondse parkeergarage. De woningen worden gebouwd door Smits Bouwbedrijf en zijn in de tweede helft van 2018 opgeleverd.  

Ten noorden van Alkmaar verrijst de nieuwe woonwijk Vroonermeer. Op een prachtige locatie aan een waterpartij aan de noordzijde van deze nieuwe wijk is een ontwerp gemaakt voor een zorgcentrum. In het gebouw zijn 24 zorgappartementen voor de Pieter Raad Stichting en een gezondheidscentrum ondergebracht. Het gezondheidscentrum biedt huisvesting aan een huisarts, een tandarts, een fysiotherapeut en een apotheek.

Uitgangspunt is een mensvriendelijk en toegankelijk gebouw, dat gemaakt wordt van natuurlijke materialen. Naast het zorgcentrum worden, eveneens in opdracht van de Pieter Raad Stichting, 40 zorgwoningen gerealiseerd. De bewoners van de zorgwoningen kunnen gebruik maken van de voorzieningen in het naastgelegen zorgcentrum.

 

Ruim 300 gelijkvormige portieketageflats hebben plaats gemaakt voor 315 levensloopbestendige woningen, variërend van eengezinswoningen tot appartementen in een toren van 14 lagen. In het wooncomplex zijn verspreid over alle drie de woonblokken diverse zorg- en maatschappelijke voorzieningen opgenomen. Zo zijn er onder andere een fietsenwerkplaats en horeca bemand door werknemers met een verstandelijke beperking. Daarnaast zijn er zorgwoningen voor ouderen en verstandelijk en lichamelijk gehandicapten.  De zorgwoningen worden door verschillende zorginstellingen aangeboden. Deze ondersteunen de bewoners en hebben tevens het beheer over de maatschappelijke voorzieningen.

Bewoners parkeren onder de binnentuinen van de gesloten bouwblokken in twee parkeergarages. Geluidwerende maatregelen in de woningen langs het spoor en de uitvalswegen beperken de overlast van verkeer. Richting de straat en het spoor zijn er met de toegepaste woningtypologieën alleen maar voorkanten.

Voor de locatie Zes Rozen te Spijkenisse heeft VVKH in eerste instantie een structuurvisie ontwikkeld. Er zijn twee scenario’s onderzocht: alleen woningen en woningen in combinatie met zorgeenheden. Het ontwerp omvat uiteindelijk 5 zorg-groepswoningen en 164 koop/huurwoningen, verdeeld over 6 bouwblokken. Daarnaast is er een ondergrondse parkeergarage en commerciële ruimte. De woningen vertonen een sterke variëteit in grootte en karakter, de zorgwoningen zijn zoveel mogelijk als “gewone” woningen in het plan opgenomen.

 

fotografie: Roos Aldershoff ©